|
Onze pastoor in de kliniek (december 2009)
Op woensdag 2 december werd onze pastoor opgenomen in het St. Jozefziekenhuis te Malle- Zoersel voor een maagoperatie.
|
30/11/09 Spannende dagen...
M. Van Dijck u hebt een ernstige maagzweer. Begin alvast met pillen te pakken. Maar ik vermoed dat er nog iets verdacht is. We zullen volgende week een CT scan nemen.
Een week later: er is inderdaad iets mis in de maagwand. Maar van wat aard het is kunnen we niet zeggen. Donderdag nemen we een biopsie dan krijgen we uitsluitsel.
Een week later na het onderzoek: volgende woensdag komt u binnen voor een maagoperatie. Ik denk dat we tijdig ingrijpen. De rest staat in de brief voor uw huisdokter. Zo was dat ook vorige keren. Hij kan dan de medische taal omzetten in menselijk bewoordingen en je bemoedigen.
Stapelwolken van onzekerheid komen plots over je leven. Zal 2010 dan je jaar zijn?...
Gelukkig had ik een week retraite gepland: tijd om wat andere gedachten te krijgen, met een groep priester- collega's samen te zijn en tussen de vele buien wat te wandelen in de open natuur. Je hoofd staat niet naar theologische problemen, je hebt andere zorgen en je maag vraagt licht goed verteerbare kost.
Als ik bij de TV zat met mijn biscuit en thee met Wortelse honing viel het mij op dat er zoveel te doen is over eten. Alle programma's zijn er van doorspekt en tussendoor doet de reclame ook zijn duitje in 't zakje.
Gelukkig kon ik het nog verdragen omdat mijn eetlust nog in orde was.
Ook in de kerk viel het mij op dat het telkens over het einde ging. Ja, zo is dat op 't einde van 't kerkelijk jaar maar nu was het alsof het nog meer tot mij was gericht.
Als de viering begint met "blijf mij nabij" dan gaat het door je hoofd: da's het slotlied van elke uitvaart.
Gelukkig vond ik in de boekenkast in Postel een boekske bekend uit mijn jeugdtijd, maar nooit gelezen. " De harp van Sint Franciscus" door Felix Timmermans. Daar beleefde ik deugd aan: eenvoudig, mooi verteld met centraal de minderbroeder van Assisi.
Wat heeft dat manneke veel meegemaakt, wat hield hij veel van zijn Jezus, zijn broederkens en zijn Clara en hoe groot was zijn vertrouwen te midden alle wederwaardigheden van zijn leven.
Je zou er een maagzweer van krijgen, hij kreeg er de wonden van ons Heer van in handen en voeten maar hij bleef even klein te midden van successen en vernederingen.
"Ik ben maar het viooltje waarop God zijn liekes speelt" zei hij. En toen de mensen kloegen over 't slecht weer zei Franciscus: "'t is altijd goed weer maar anders".
Dus 't leven is altijd schoon maar anders, zal ik maar denken.
05/12/09 Kijkoperatie of Keizersnede
Langs de breeddraaiende deur waaier je binnen in het warenhuis van de medische wereld.
Gelukkig zijn er vriendelijke receptionistes die je wegwijs maken naar de verschillende afdelingen.
Voor mij was het de derde verdieping. Daar kom je in handen van een zwerm wituitgedoste engelbewaarders die in alle richtingen rond vliegen.
Al vlug krijg je je nestje toegewezen dat ze meteen slaap- en woonklaar maken.
Dat de leading lady afkomstig was uit Wortel was voor beide partijen een verrassend gebeuren. Maar veel tijd voor buurten is er niet, want twee andere engelen vallen binnen om je te prikken. Een stagiair en haar toeziende begeleidster.
Ondertussen is er al een ander om je wat formulieren te overhandigen. “Vul dat straks maar in” zegt ze. Er staat al weer een witte engel klaar om je mee te nemen naar de radiografie voor een longcontrole en daarna naar het lokaal voor een cardiogram. “We willen dat u in goede conditie bent voor straks als het grote werk plaats heeft. Ga je de weg terug vinden?” Zo en zo.... kwestie van op eigen vleugels te leren vliegen. Alles klopte, alleen was ik het kamernummer vergeten: 354.
Pas terug op de kamer kwam de Master in Chief kennismaken met zijn patiënt. Hij rechtop, machtspositie - ik liggend, patiënt. Hij die alles kan - ik die alles verwacht......
Wordt het een kijkoperatie of een keizersnede? Hij glimlachte. In ieder geval een snede. Nog wat vragen over verloop en opvolging, en een geruststellend “We doen ons best! We zien mekaar straks rond vier uur.”
Ondertussen staat 't scheerengeltje klaar om je netjes te maken. En een andere brengt een kleurig borreltje. “Dat moet je nemen rond twee uur. Een kalmeermiddeltje voor het groot gebeuren. Maak je dan maar startklaar voor de lancering.”
Onder het waakzaam oog van St. Jacob van Compostela op 't nachtkastje ga ik met vertrouwen weer op tocht. Hoe het zal verlopen: God zal erin voorzien en radio Clara speelt passiemuziek van Bach....
Klokslag 3 uur werd ik op transport gezet, naar 't land van de groen mannekes. Inderdaad als je door de inrijpoort van 't operatiekwartier komt verdwijnen de engelen en maken plaats voor de groene mannekes: groen gemutst, gejast en gebroekt. Groen: de kleur van de hoop, want iedereen die hier ziek binnen rijdt hoopt er gezond weer uit terug te keren.
De man die je naar het land van de dromen zal brengen doet zijn uitleg en een kwartiertje later zit je op de operatietafel voor het spuitje en leg je je neer onder een hemel van lichtende lampen.
Je groet de Master in Chief en met de wens: doe je best, God doet de rest en dan verdwijn je in de zaligheid van het "niet weten".
Als je na een paar uurtjes wakker wordt ben je weer omgeven van de witte engelen van de intensieve. Elk heeft zijn taak, de dokters, de verpleegsters, de kinesist en zonder passiemuziek maak je je passie mee van t' ontwaken uit de verdoving maar ook de vreugde: je bent erdoor geraakt. Ook al weet je dat het nog een moeilijke nacht zal worden en spannende dagen lukt het wel want in je verbeelding zie je veel kleine lichtjes branden bij je vrienden en parochianen waarvoor dank.
06/12/09 Doordeweekse dag in het ziekenhuis
Om half zeven begint de briefing met de nachtverpleegster. Vanaf zeven uur hoor je de creemkar door de gangen rijden. Ze maken een speciaal lawaai dat niet kan bedriegen.
Klop op de deur, groot licht aan...
"Goede morgen - goed geslapen... dan kunnen we eraan beginnen. Bloeddruk meten, suiker meten, activiteit voor stagiairs, dit zal nog 5-6 maal herhalen gedurende de dag. Nazicht van heel de bedrading, urine, maagsonde, austronautenvoeding (overschot van Frank De Winne!) een grote en kleine pijnpomp. Gewassen van kop tot teen door engelbewaarders, een zalig gevoel. Daarna wordt het beddengoed vernieuwd. Wat een was! Je bent letterlijk aan je bed gekluisterd.
Je hebt één speelautomaat: een langwerpig kaske daar kan je mee bellen, met de lichtjes spelen en muziek beluisteren.
St. Jacob moet natuurlijk ook zijn deel hebben, dus ga ik met hem wandelen van de Kolonie naar Bootjesven, juist de tijd om een rozenhoedje te bidden en ondertussen beweeg je met je benen want dat is van levensbelang. Eten moet je nog aan je voorbij laten gaan, je krijgt enkel voeding, zelfs drinken heb ik de laatste 3 dagen niet gezien. Enkel je mond spoelen met anijswater en in gedachte denken dat er een whisky bij is. Bij het opmaken van je bed mag je 5 minuten in de zetel zitten. Gisteren lukte het niet en vandaag had ik nog net de moeite om op tijd te bellen. Drie verpleegsters legde me in bed want ik was buiten westen.
Ook de poetsdienst laat zich niet ongemoeid. Iedere dag krijgt je kamer een poetsbeurt. Bezoek van de dokter is altijd een spannend gebeuren, maar meestal geven ze een dubbele boodschap: een positieve : alles evolueert goed en een onzekere: we moeten het onderzoek afwachten.
Ondertussen lees ik het parochieblad, los een sudocu op en kijk naar 't avondjournaal. Wat een weldaad dat je in België geboren bent en in België leeft. Waarom is dat lot niet het deel van miljoenen mensen.
07/12/09 Je bent de berg over!
Zo zeggen de mensen. Inderdaad 't ergste is voorbij. Sinterklaas heeft niets gebracht, maar van alles meegenomen: maag en urinesonde, astronautenvoeding , zelfs de grote pijnpomp heeft hij mee.. Wellicht om elders de pijn te verlichten.
"Eens iets kwijtgeraken" dat kan deugd doen. Dank je Sinterklaasje!
Ook de dokter kwam langs met goed en minder goed nieuws. Hoe de verdere behandeling zal gebeuren, wordt in het team besproken, da’s voor later: eerst even genezen en op krachten komen.
Je bent de berg over maar niet meteen in 't zonnige dal. Eerst moet mijn maag weer vast voedsel verwerken. dat gebeurt met 't nodige gegrom en gekramp. Beschuitjes met wat thee, een tasje bouillon en een puddinkje.
Ook het medisch doordenkertje van Boerhave ben ik indachtig.
Hij dichtte:
Houd hoofd en voeten warm
Vul matig uwen darm
Houd d' achterpoort goed open
En laat de dokters lopen!
We zijn nu in’t jachtseizoen, dus knallen staat vrij....
Vanmorgen ben ik even gaan wandelen op de gang. langs de leuning die voorzien is. Halfweg stonden er gelukkig een paar zetels. Welgekome rustplaats. Door het raam zag ik in de verte de hoge Canadabomen dromerig staan kijken… ze wisten niet dat ik naar hen keek en droomde......
08/12/09 Tapoteren
Wat dat betekent kunnen Ria en Kathleen je niet alleen vertellen mar ook laten ervaren.
Ria en Kathleen zijn twee dartele hertjes die wervelen door 't ziekenhuis en overal even binnen vliegen.
Blitzbezoekers zou je ze kunnen noemen. Hun verschijning is als een herfstzonnetje dat dwars door de wolken even komt piep in je kamer. " Ik kom je tapoteren" zegt Kathleen.
Terwijl ze beide handen op je borstkas legt en met een ritmische cadans de handen op en neer laat gaan. Het geeft het geluid van een bende Afrikaanse lopers over een houten brug. Je zou er zň een Afrikaanse kreet bij zingen. Na wat ademhalingsoefeningen komt Ria binnen; zij komt met je voeten spelen. "Zet je maar netjes naast mij op bed" klinkt het. De voeten op de grond, we beginnen met de tenen, benen strekken met een sjot naar voor, daarna achter je bed komen staan en samen de benen op en af. Daarna mocht ik aan haar arm wandelen over den Boulevard van het derde verdiep. De pastoor met zijn verpleegsterke....... Rechtop lopen!
De benen goed heffen, ik voelde het gerommel in de onderbuik, voorboden van... in normale omstandigheden zou je dit in zo'n gezelschap onderdrukken maar nood breekt wet, dus liet ik alles vrij op gevaar af gediskwalificeerd te worden door mijn wandelgezel. Blijkbaar was ze wel meer gewoon en vatte ze het op als een applaus voor haar goed werk.
09/12/09 Stagiairs
Je ontmoet ze in het hele kliniekgebeuren; onder het toekijkend oog van een begeleider verrichten ze hun werk. Ze vallen niet enkel op door hun jeugdigheid - er zijn ook late roepingen bij - het lijkt mij vooral een groep te zijn met een hart groter dan hun handen; een optreden waar hartelijkheid groter is dan de handigheid. Niet erg denk ik, die handigheid zal snel groeien, dat de hartelijkheid maar blijft. Want hoe je het ook draait of keert, werken in de verpleging is meer dan een job. Vroeger sprak men over een roeping. Het is een "ietsje meer" job en dat "ietsje meer" geeft kleur aan het werk en dat proeven de mensen aan je werk. Als ik ze bezig zie denk ik: “De toekomst is verzekerd en in goede handen.”
Ook onze kerk zou er goed aan doen een vorm van concrete opleiding en begeleiding te bezitten dicht bij het leven om jonge en late roepingen in haar midden vertrouwd te maken met het pastorale veld.
Mensen met een hart groter dan hun handen.
10/12/09 Engelbewaarder
Hij is vooral een avondfiguur. Hij houdt de wacht terwijl jij slaapt. In 't kerkelijk avondgebed bidden we: In manus tuas Domino - in uw handen Heer leg ik mij neer.
Toch is het goed dat er tussen die verre God en de concrete mens wezens bestaan die iets hemels hebben, maar ook iets aards.
Dat zijn de engelen:
- wezens tussen God en mens
- aardse wezens met iets hemels
- of hemelse nabijheid in mensen gestalte.
Zulke mensen zijn er in de kliniek: de engelen van de nacht. Rond 22 uur komen ze even piepen "Ik ben er (voor u)". Om de 3 uur komen ze weer langs, alles nazien: "Pijn onder controle? Al geslapen"?
Dat slapen heb je soms niet in de hand, angst en onzekerheid worden tot verhalen in je geest die een eigen leven beginnen te leiden en niet meer onder controle te houden. Ik heb het een paar maal meegemaakt, juist toen kwam die engel binnen. "Kun je niet slapen"? "Mag ik eens iets vertellen?" vroeg ik. "Je mag me alles vertellen" klonk het…
Da’s het moment om heel de draaimolen in je hoofd te laten binnenrijden in het luisterend oor en ontvankelijk hart van de engel, ze luistert...
"t Is goed dat je 't allemaal eens verteld, ‘t is ook heel menselijk dat je daarmee bezig bent, maar geef het de tijd, het klaart wel op. Ik zal je nog een flesje geven tegen de pijn".
Zulk een engel geeft vleugels, het werd een zalige nacht...
13/12/09 Kerststallentocht
Sinds enkele dagen is de kerstsfeer ingetreden in 't ziekenhuis. Bij mijn avondwandeling op de gang zag ik in de verte lichtjes branden. Een mooi sobere kerstboom en een eenvoudig kerststalleke.
Terwijl ik vanuit de rustzetel toekeek kwam een moeder met 2 kindjes in mijn richting; het kleinste liep vooruit en ging parmantig op de grond zitten bij het stalleke. Mama en zus keken zwijgend toe. Kerstmis voor kinderen. Mochten de kinderen van Wortel en Hoogstraten ook de kans krijgen het kerstgebeuren te beleven, dicht bij 't stalleke, dicht bij 't kindje.
Opstaand zag ik dat er ook in de verte, aan de overkant van de gang lichtjes branden. Wil ik maar eens op kerststallentocht gaan, zoals in Wortel?
Ik wandelde naar de andere uithoek van de gang en kwam bij de kerststal. Een winters kader, een witte kerst, en dikke laag sneeuwwol op het dak van de grote kerststal. Door het raam zag ik in de verte een grote ster schitteren, ze prijkt hoog boven de vele paviljoenen waar geesteszieken mensen, of slachtoffers van een ziekmakende maatschappij verblijven. Ze leven vaak een beetje ondergesneeuwd in de glitter van onze welvaartkerst. Ik werd er stil van in gedachte bij al deze mensen - vooral jonge mensen. Kindje van de witte kerst, geef dat wij de zwarte ellende van onze wereld ook in Hoogstraten en Wortel niet laten ondersneeuwen onder de witte onverschilligheid.
Zo ging mijn tocht op zoek naar de 3de kerststal. Daarvoor moest ik afdalen tot op 't gelijkvloers. Inderdaad, in de cafetaria vond ik het kerstsfeergebeuren terug: de boom en de figuren. Mens tussen de mensen. Een herberg waar plaats is voor iedereen. Waar "schuif maar bij" niet van de lucht is; en waar het blije en droeve van het leven wordt verwerkt bij een tasje koffie, een gebakje, een hartelijk hapje of een drankje.'t Is goed dat er ook in Wortel en Hoogstraten zulk een herberg is en er zorg voor gedragen wordt dat er plaats is voor iedereen.
Mijn derde wens is dan ook voor alle stille werkers die zich daar en op vele andere plaatsen inzetten om "herberg" te zijn voor elkaar. Moge kerstmis het feest zijn voor alle mensen die van goede wille zijn. Moge kerstmis "de goede wille" in ons leven op weg houden zodat we hoopvol verder doen naar 't nieuwe jaar.
Mijn kerststallentocht eindigt op de tussenverdieping, in 't hart van de kliniek: "de Stille ruimte." De pastorale werkster is bezig met de versiering. Ja, het kerststalleke komt nog; maar wij willen wat meer tijd geven aan de Advent, het uitzien naar, het zich klaarmaken voor, het groeien naar geboorte zoals het kind in de moederschoot.
Inderdaad, Kerstmis gaat niet vanzelf. Het is een geboorte uit den Hoge. Een Godsgeschenk. In de mate "Het Kind" mag mens worden in ons, groeit kerstmis rondom ons. Vier daarom Zijn komst in de kerk. Midden in de nacht dan gebeurt het, je moet door de nacht. In het intentieboek van de kapel schreef iemand: "Hoi Heer, je bent een leugenaar, mijn leven is kapot. Dierbaren zijn weg. Boete zal je!..".Om stil bij te worden. Midden in de nacht.... een kreet en een vloek.
Moge ook al die wanhoopskreten in deze donkere nacht gehoord worden, nieuw licht ontvlammen in hun harten.
Moge wij kleine lichtjes zijn op hun donkere weg. Voor deze kerstwens en allen die leven in het mensenhart, ontsteek ik bij Maria een kaarsje van hoop. Zalig Kerstfeest.
15/12/2009 Met Sint Jacob aan zee.
Bij stralend zonnewinterweer vertrekken de dinsdagmiddag zeewaarts. “Hoe voelt ge u?” vroeg iemand, “Vakantiestemming? Thuisstemming?” “Tussenin” zei ik.
Een nieuwe tocht, een nieuwe uitdaging. Van sleffersbestaan naar schoenenbeweging. Van binnenwereld naar buitenhuisbestaan; de echte lucht inademen, de vrieskou voelen en terug echt op wandel.
Anderhalf uur auto is genoeg om je te doen uitzien naar je bestemming: Ter Duinen, Louisweg 46, 8620 Nieuwpoort. De knotwilgen onderweg en de bomen, allemaal wat landinwaarts buigend, zeggen dat je de kust nadert en de wind je weldra toewaait.
Een onthaal dat je laat aanvoelen dat je verwacht wordt. De rood uitgedoste vrijwilligers en de animatiemensen met kerstmuts; ze zorgen dat je je vlug op je nieuw verblijf thuis voelt. Een appartementje met alles erop en eraan. Door het raam: de beijzelde daken en doodlijkende winterbomen.
Aan tafel krijg je je vaste plaats en tafelgenoten. Roger, 87 jaar en van bachten de kupe, Dianne, een jonge vrouw uit Alken in haar rolstoel. We zijn allemaal nieuwelingen hier in een rustig hoekje.
In de cafetaria dronk ik mijn eerste glaasje wijn als slaapmutsje… Slaapwel Malle, Wortel en Hoogstraten, en morgen weer fris. Sint Jacob, hou de wacht!
26/12/2009 Kerst aan zee.
Van alle kanten brachten mensen hun zieken tot bij Jezus om bij Hem heling te vinden. Dit Bijbels tafereel speelt zich week na week af in Ter Duinen waar zieken en gehandicapten samenstromen om in dit huis in de eigen sfeer op te leven n nieuwe levenskrachten op te doen. Voor velen loop het leven hier op wieltjes. Als ze elkaar tegenkomen in hun rolwagen vraagt zij: “En, gaat het?” Hij: “Het loopt.” Vraagt hij: “En, loopt het?” Zij: “Het gaat.” Tussen al dat rollend leven bewegen anderen zich met een derde been of hangen aan bij een gedienstige begeleider.
In heel het grote huis (250 herstellenden en 150 vakantiegangers) hangt de kerstsfeer in de bomen, de lichtjes, de hobbystukjes op tafel en de mooie kerststal bij de inkom. Buiten is het prachtig winterweer: bomen als kristallen luchters in gevecht met de opkomende zon. De sneeuw knappert onder onze voeten terwijl we onze ochtendwandeling maken. De eendjes zijn verdwenen van de bevroren vijvers; alleen de meeuwen dwarrelen door elkaar op zoek ar wat eten of spelenderwijs.
Ook aan zee, in Nieuwpoort, hangt overal de kerst- en Nieuwjaarssfeer. Op onze dagelijkse namiddagwandeling komen we ,ter hoogte van de kerk, bij een kerststal. We zingen er het refreintje van de Wortelse kerststallentocht: “Vrede op aarde aan de mensen die van goede wille zijn.” Zo voel ik me weer even dicht bij de Wortelse kerststallentocht en allen die r zorg voor dragen.
Heel wat mensen, vertellen de vrijwilligers, komen naar Ter Duinen in deze dagen om het alleen-zijn en de eenzaamheid die weegt in deze periode te ontvluchten en een warm plaatsje te zoeken bij lotgenoten. Hier is plaats in de herberg.
Kerstavond, om 20 uur, zaten we samen in de grote zaal voor de kerstwake. Het hele kerstverhaal werd er verteld en uitgebeeld door mensen van het huis: herders op krukken, een koning in de rolstoel en hoogbegaafde engelen, in ’t wit van kop tot teen, beeldden uit wat door de verteller verhaald werd.
Je weet niet alleen dat met Kerstmis God zich klein maakte om te wonen tussen de kleinen van de wereld; je voelt en je ziet het wanneer je rondkijkt naar al deze mensen, getekend door ziekte, ouderdom of handicap. Je hoort het wanneer zij met innigheid de kerstrefreintjes meezingen. Zei Kardinaal Danneels: “God heeft geen podium nodig om groot te zijn.” Daarom was ik getroost dat ik dit jaar niet vooraan stond in het kerstgebeuren, maar mens tussen de mensen mocht zijn en zo verbonden mocht zijn met hen.
Met het mooie vers van A. Van Wilderode, dat ik deze dagen ontving, wil ik u allen mijn wensen overmaken.
“De laatste dagen
en de laatste vragen
van het geleden jaar
staan voor de deur,
de bomen kouder
en de dromen ouder
maar de verwachting
nog vol gloed en kleur
want wij geloven:
het licht van boven
is niet te doven
stelt niet teleur
voor alle vragen
van alle dagen
achter de einder
achter de deur.”
Anton van Wilderode (1918-1998)
uit: Op hoop van vrede (1988
06/01/10 Hinkstapsprong
Probeer het sportief op te pakken, Sint Jacob stapt altijd voort!
Dat schreef mij iemand dezer dagen. Ik probeer dan ook positief te kijken naar wat ik meemaak. Om het met een sportief beeld te zeggen doe ik nu een Hink-Stap-Sprong. Je weet wel zo’n sprong in 3 fasen.
De Hink deed ik in de kliniek, de Stap stapte ik in “Ter Duinen” aan zee. Nu volgt de derde fase: de Sprong! Het zal een hele sprong worden. Minstens van drie maanden. Dat betekent dat ik drie maanden “out” ben voor het parochiewerk in Wortel en Hoogstraten, maar ook dat ik hopelijk met Pasen een beetje mag herrijzen en terug de draad zal kunnen opnemen.
“Die sprong” verloopt met chemo’s om de drie weken. Ook al zijn er geen “uitzaaiingen” toch wil men mogelijke verborgen sporen uitschakelen. “Geen”, één woordje, ik wist niet dat het
zo’n verschil kon maken in je kijken naar je eigen situatie.
Neemt niet weg dat de “sprong” niet simpel zal zijn en wellicht ingrijpender zal zijn dan ik vermoed.
“Beter sneeuw op ’t dak” dan “de panne eraf” zei ik weleens wijzend op mijn grijze haren. Binnenkort zullen de pannen eraf zijn en zal ik het verschil aan den lijve ondervinden. Maar “ze” komen terug troostte mij de professor, die zelf mooi kaal is. “Je moet je ook afschermen tegen mogelijke infecties en daarom contacten met grote groepen vermijden” zei de professor.
Dus zal ik ook weg blijven op vergaderingen en samenkomsten.
Toch hoop ik wat onder de mensen te blijven en links en rechts een babbeltje te doen thuis of elders.
Sint Jacob op de kast, naast de lachende clown blijven er rustig bij: de ene met de hand vast aan de wandelstaf, de andere met zijn brede lach. Ze nodigen mij uit met vaste tred en lach (en een traan) verder te gaan.
Regeling voor Wortel en Hoogstraten
De regeling die gold tijdens mijn afwezigheid in december zal ook verder blijven gelden tot Pasen. Vele blijken van steun en medeleven waren voor mij een riem onder het hart, maar ook het rustig samen verder zien doen, gaf veel positieve kracht.
Laten we dat zo verder doen. Mijn oprechte dank.
01/02/10 Halfweg
Die en die moeten ook chemo volgen…….. je hoort het vaak zeggen maar hoe ingrijpend zo’n gebeuren is besef je pas als je ’t zelf meemaakt.
Ik ben halfweg.
Voor de eerste chemo moest ik een dag en een nacht in de kliniek blijven. “ We willen alles van dicht bij volgen”. Daar lig je dan op je bed. Verplegend personeel komt alles installeren. Bloed trekken.. bloeddruk meten…… Een rijdende hoge staaf ( je danspartner noemde iemand het) naast je bed. Daaraan vijf chemozakjes van verschillende vorm en kleur. De verpleger installeert de hartmonitor en bloeddrukmeter. Alle verbindingen moeten worden geďnstalleerd en getest.
“ Ik vind dat jullie heel wat techniek moeten kennen” zei ik tussendoor; “Ja, ik ben een jaar loodgieter gaan studeren” kreeg ik als antwoord. Ziezo, alles klaar.
“En moet dat allemaal naar binnen langs het ingeplante poortje?” Ja, normaal duurt dat 4 a 5 uren maar de eerste duurt 7 uur. Vooral om mogelijke reacties te voorkomen of te kunnen opvangen. Om het half uur gaat het signaal van de monitor en dan moet je bellen.
7 uur, een dagtaak. Gelukkig heb je wat leesmateriaal, kun je de radio beluisteren en krijg je wat te eten.
s’ Avonds is het achter de rug. De beveiliging blijft gedurende de nacht. Gelukkig had ik geen narige nevenwerkingen en mocht ik ’s anderendaags rond de middag naar huis gehaald worden. Met wat speciale pillen, een schriftje om je vragen en ervaringen in te noteren en enkele raadgevingen over mogelijke effecten achteraf keer je huiswaarts
Vanaf de tweede dag begon het….
Het eten smaakt mindergoed.: eetlust wordt eetplicht. Ook schrijven ging niet zo vlot. De nachtrust is verstoord. Vooral een goed evenwicht tussen eten en stoelgang bleek al vlug een probleem. Van dag tot dag voelde ik de vermoeidheid toenemen. En elke kambeurt betekende een uitdunning van het dak. Bij dit alles dreig je in paniek te geraken, hoewel dit allemaal een beetje voorspeld was. Weten en ervaren is niet hetzelfde.
Een goede opvang thuis, een vast programma qua eten en drinken en een verpleegster naast de deur, zorgde ervoor dat na een 10 tal dagen het ergste voorbij was. De smaak kwam terug en de vermoeidheid verminderde. Ik kreeg een goed rapport bij een tussentijdse controle en zo kon ik mijn verjaardag toch met een wat opgewekt gevoel doormaken.
Ondertussen is nummer twee ook achter de rug. Ambulant gaan halen, op 5 uur klaar en met de taxi naar huis.
Dezelfde perikelen van de eerste beurt kwam terug maar ik heb ervaren dat ik er allemaal wat rustiger bij bleef. Je weet wat komt, je hebt ook geleerd voor een goed evenwicht te zorgen en je weet dat het voorbij gaat.
Ik mag mij gelukkig prijzen dat ik tot hiertoe er niet echt ziek bij was en geen infecties opliep. Als het enigszins kon en mocht ging ik elke dag toch eventjes ’t blokje rond. Het gaf mij altijd een positief gevoel.
Als je in deze wereld terecht komt ontdek je pas dat niemand is gespaard. In het daghospitaal stromen ze samen, jong en oud, Belg en allochtoon, rijk of arm…….. lotgenoten worden soms bondgenoten en een goede opvang geeft een geruster gevoel.
Terwijl ik het allemaal meemaak gaan mijn gedachten naar die mensen en hun begeleiders die niet zo’n positief perspectief meekregen en reeds lange tijd, soms jaren, die moeilijke weg en het hardnekkige gevecht moeten doormaken en dan soms toch uiteindelijk alles uit handen moeten geven. Aan hen denk ik nu vaak en als ik bid vraag ik: “ dat ze het allemaal aan zouden kunnen en er positief bij zouden blijven”.
Dank voor alle steun.
10/03/10 De appel
“Het vlees van de appel is verrimpeld, maar het klokhuis is nog kerngezond” schrijft Felix Timmermans.
Zo voel ik mij ook een beetje nu ik mijn hopelijk laatste chemo aan ’t verwerken ben.
Mijn huisarts, een jonge gast, zei me: “ Als je dit verwerkt heb kan je er weer 10-15 jaar tegen”. Ik keek even verrast op, 10 jaar! Voor hem is dat maar een sprintje, maar op mijn leeftijd lijkt dat een marathon. Ik heb het me toch maar voorgehouden.
Toen ik het op de kerkraad vertelde, trokken ze de conclusie. Met dit vooruitzicht dachten zij: “Nu de pastoor zijn facelift achter de rug heeft, moeten wij zorgen voor een facelift van zijn woonst.”
Ze lieten het niet bij woorden. De garagepoort is al vernieuwd en wie langs de achterzijde op het erf komt kan de nieuwe dakpannen en vier veluxramen bewonderen.
Ondertussen zijn de eerste stappen gezet om ook de ramen van het huis te vernieuwen en energiezuinig te maken. De overschakeling van mazout op aardgas zal ook een verdere stap zijn naar milieuvriendelijk energieverbruik.
Ook ’t Hoog is weer beter bereikbaar voor de vergadering van het Parochieteam, de Kerkraad, het vastleggen van de parochiezaal of de voorbereiding van een of andere viering.
De vastentijd kreeg dit jaar voor mij een eigen accent. Wat ik in eten en drinken moest vasten stond op mijn dieetprogramma. Opgave was: aan den eet te blijven en niet te vermageren. Dat is me tot hiertoe gelukt.
Meer dan anders heb ik stil gestaan bij de lijdende Jezus en de miserie in onze wereld.
Neen, als je ziek bent ontdek je plots dat je niet alleen bent. Je behoort bij een grote groep van lotgenoten. Je voelt je meeteen bij hen betrokken en je krijgt het gevoelen dat je voor hen op een andere manier “een bekende” bent. Je erkent je in mekaar. Op mijn dagelijkse wandelingen liep ik vaak even binnen bij alleenstaanden of een zieke mens. Maar om eventjes uit te rusten. Ik ervaarde dat het me goed deed! Mensen hebben elkaar altijd wat te bieden; vooral zichzelf zoals ze “maar” zijn. Ik was een beetje een van hen.
Ik zie uit naar de Goede Week en hoop weer dicht bij de Heer te zijn en verbonden met de mensen door zijn donkere dagen te gaan naar de nieuwe morgen. Hem aan het woord te laten, door Hem gewassen te worden, zijn kruis mogen helpen dragen, ook door je eigen kruis te dragen. In dat alles het hoopvol perspectief bewaren dat er altijd nog een toekomst is... Zelfs over de dood.
Ondertussen doe ik stilletjes en bescheiden voort zoals Franciscus het zo mooi zei: “Ik ben slechts een snaar op Uw harp, beroerd door Uw hand, speel ik mijn lied”.
31/03/10 Paasklokken en Pinkstertongen
“Vanaf mei mag je weer alles eten en drinken” zei de professor.
In mijn verbeelding verschenen droomwolkjes met alle patersbieren gepresenteerd door gepijde paters, blozend van gezondheid en geneugte. Zelfs “ den duvel” kwam mij bekoren. We zullen maar stilletjes aan doen, met mate en met maten, zoals het hoort. “Alles eten en drinken”, het heeft niet alleen te maken met je maag, het zegt eigenlijk iets belangrijks over je gezondheid en dat is natuurlijk veel belangrijker dan eten en drinken.
Het geeft je het gevoel: “Het is achter de rug; we draaien een bladzijde om, er kan een nieuw hoofdstuk beginnen. De “aprčs” periode.”
Voor sommigen is het een nieuw begin. Armstrong won zelfs de Ronde van Frankrijk “aprčs-kanker”. Iemand die het zelf meemaakte zei: “Ik heb er veel uit geleerd. Het was een verrijking”!
Zo euforisch kijk ik er niet op terug; wel met een gevoel van grote dankbaarheid voor de medische wereld. Je moet maar het geluk hebben hier te wonen. Dankbaar voor de vele mensen die meeleefden en vooral voor hen die mij dagelijks terzijde stonden. Dankbaar ook tegenover de mensen van Hoogstraten en Wortel die een tandje bijstaken in de verantwoordelijkheid voor de parochie en zorgden dat alles rustig verder ging en de parochie groeide in verantwoordelijkheid. Het motiveert me nog extra om het stukje leven dat ik nog krijg op een zinvolle manier te leven voor anderen. Met het Paasgeloof: “Er is leven na het graf”, er is toekomst na de kanker.
De meimaand krijgt zo voor mij een bijzondere betekenis. Meimaand, de mooiste maand, zegde men vroeger. Van kindsbeen af vergroeid met de kapellekens en het Rozenhoedje bidden, werd dit eenvoudig gebed weer belangrijker in mijn leven. Vroeger behoorde het tot het ochtendritueel van mijn wandelingen in de Kolonie. Wandelen in de natuur en wandelen met Maria door het leven van Jezus. Je moet er niet bij stilstaan: het is een geestelijke ademhaling, even natuurlijk als je ademhaling. Je staat er niet bij stil, maar het schept verbondenheid met jezelf, de natuur en de bovennatuur.
Met het wegvallen van de ochtendwandelingen werd het een avondritueel, aan de hand van de paternoster van mijn vader zaliger en omringd door de vele kaartjes van de mensen aan de muur en op de kasten links en rechts. Ze hebben ook allemaal hun blijde, droeve, lichtende en gloriemomenten.
Dit jaar krijgt de meimaand en het kapellekensbidden speciale aandacht, in Hoogstraten en wat ik hoop, ook in de andere parochies. Wellicht zagen velen onder jullie ook naar de uitzending van “In Godsnaam”. Wat mij trof was dat je bijna in alle tradities zo’n vorm van sfeerbidden door het telkens weer herhalen van dezelfde woorden, gebeden of gezangen tegenkomt. Soms met bijhorende lichaamsbewegingen als om te zeggen dat de hele mens bidt.
Het rozenhoedje hoort ook thuis in die brede religieuze traditie en kan ook in deze tijd bron zijn van kracht voor onszelf en anderen. Denken we maar aan het stervensnabije zusterke van de Trappistinnen: hoe ze rozenkransbiddend waakte van tijd naar eeuwigheid, innig verbonden met de grote wereld van ellende en miserie.
Met Maria door de meimaand op weg naar Pinksteren en de Pinkstertocht naar Postel. Zo was het op het eerste Pinksterfeest, zo moge het ook zijn op het Pinksterfeest van vandaag. Feestelijke Paasklokken en vurige Pinkstertongen toegewenst allemaal.
A. Van Dijck